(62) De Verlichting heroverd (deel 2: 200 jaar strijd voor vrijheid, gelijkheid, kennis en vooruitgang).

AUTEUR: Thomas Rotthier

THEMA: Filosofie, Geschiedenis en traditie

OPMERKING: Dit artikel is het vervolg op (61) De Verlichting heroverd (deel 1: een kleine oppoetsbeurt).

In het discours van politici is de Verlichting al te vaak een holle frase geworden, bedoeld om hun deugdzaamheid te signaleren voor hun kiespubliek. Vaak gebruikt men de Verlichting ook als troefkaart in een cultuuroorlog, waarbij het Westen intrinsiek superieur zou zijn aan andere culturen. Het bezingen van de Verlichtingswaarden is perfect mogelijk zonder uit te gaan van een westers exceptionalisme. We zullen dit kort bespreken. Daarna zal ik dieper ingaan op de positieve spiraal die de Verlichting teweegbracht, eerst in het westen, daarna in de rest van de wereld. Deze spiraal strekt zich uit van ongeveer 1800 tot het begin van de 21ste eeuw.

Historisch gezien is het natuurlijk juist dat de Verlichting eerst tot bloei kwam in West-Europa en de Verenigde Staten. Landen als Groot-Brittannië, Nederland en Frankrijk bevonden zich tijdens de 18de eeuw toevallig in een intellectueel Goudlokje-gebied. De omstandigheden zaten precies juist om een klimaat van vrijdenken[1] te creëren. Doordat vrijdenkers er minder streng vervolgd werden dan elders, konden allerlei radicale ideeën over vrijheid, gelijkheid, humanisme en wetenschap in de salons van de intellectuele elites binnendringen.

zefze
The Glorious Revolution (1688) legde de macht van de Engelse koning grotendeels aan banden waardoor de censuur automatisch ook verminderde.

Dit was mogelijk dankzij de inclusieve politieke instituties (een parlement, petitierecht, een grondwet …) die in deze regio geleidelijk aan[2] ontstonden in de 17de en 18de eeuw. Nadien zouden ze zich nog verder ontwikkelen tot de huidige Europese democratieën. Deze inclusieve instituties hadden evengoed ergens anders kunnen ontstaan op een eerder tijdstip. Dan hadden we het misschien gehad over de Arabische, Chinese of Afrikaanse Verlichting. Uiteindelijk is dit filosofisch gezien niet van tel. Het ideaal is dat de emancipatieve ideeën die de Verlichting voorstond uiteindelijk ook de rest van de wereld zouden bereiken.

Uit wetenschappelijke data blijkt dat die verspreiding van de Verlichting ook effectief gebeurd is de voorbije 200 jaar, zij het onvolledig en onvolmaakt. Het loont de moeite om te kijken op welke domeinen de Verlichtingsideeën zich kristalliseerden in reële vooruitgang.

Een van de rechtstreekse producten van de Verlichting waren de zogenaamde ‘rechtenrevoluties’. Het begon met de afschaffing van de slavernij. Onder invloed van de religieuze quakers en andere vurige abolitionisten besloot Groot-Brittannië uiteindelijk om de slavernij te verbieden. De Britten hadden zelf enthousiast meegedaan aan de trans-Atlantische slavenhandel, maar besloten het roer radicaal om te gooien.  Vanaf 1807 begonnen ze de slavenhandel actief te bestrijden langs de Afrikaanse kust. Slavenschepen werden in beslag genomen en de slaven erop werden bevrijd. Groot-Brittannië maande bovendien andere landen aan om hetzelfde te doen. Slavernij werd uiteindelijk in de meeste landen verboden in de loop van de negentiende eeuw. In sommige West-Afrikaanse landen gebeurde het pas in de eerste helft van de 20ste eeuw. Zo kwam er een einde aan een mensonterende praktijk die gedurende duizenden jaren tot de normale gang van zaken behoorde in de meeste rijken en staten.

De strijd tegen slavernij was maar één van de vele bevrijdingsbewegingen opgestart in de negentiende eeuw. Arbeiders hadden het zwaar te verduren in de nieuwe steenkoolindustrieën. Ze slaagden erin om zichzelf te verenigen in vakbonden, waardoor ze het stakingswapen in handen kregen. Vakbonden dwongen hiermee gezondere werkomstandigheden en betere lonen af voor arbeiders in de fabrieken en de mijnen.

Verschillende andere rechtenbewegingen ontstonden in de twintigste eeuw. Rond het jaar 1900 kwam de suffragettebeweging op die voor stemrecht voor vrouwen ijverde. De beweging slaagde in haar opzet. In 1893 gaf slechts één land stemrecht aan vrouwen (Nieuw-Zeeland), in 1920 waren ze met 19. Anno 2018 kunnen vrouwen in alle landen hun politieke voorkeur kenbaar maken, behalve één: Vaticaanstad.

De suffragettes inspireerden op hun beurt latere feministen. Tijdens de jaren ’60 en ‘70 ijverden de tweede golf- feministen voor het gebruik van de pil en het recht op abortus (‘Baas in eigen buik!’). Vrouwen veroverden vervolgens hun plaats op de arbeidsmarkt. Hun emancipatiestrijd gaat door tot op de dag van vandaag met de #metoo-beweging en het protest tegen de loonkloof.

eee
De Dollemina’s waren met hun strijd voor het recht op abortus en andere vrouwenrechten eveneens kinderen van de Verlichting.

De seksuele revolutie beperkte zich niet tot de emancipatie van vrouwen. Holebi’s kregen vanaf de jaren ’70 een stem dankzij mensen als Harvey Milk en Kathy Kozazenko. Homoseksualiteit werd geschrapt uit psychiatrische handboeken en niet langer gezien als een ziekte of afwijking. Het homohuwelijk is ondertussen wettelijk mogelijk in de meeste westerse landen.

Andere vormen van onrecht en discriminatie werden met evenveel doorzettingsvermogen bestreden. De rassenscheiding werd afgeschaft in de V.S. in de jaren ’60. Zwarte Amerikanen moesten niet langer op aparte busplaatsen gaan zitten of naar aparte scholen gaan met hun kinderen. Ze mochten gaan stemmen en kregen burgerrechten net zoals iedereen. De strijd van zwarten voor erkenning gaat vandaag onverminderd door met de Black Lives Matters-beweging en ook op cultureel vlak met films als Get Out, Moonlight en Black Panther.

Emancipatiebewegingen schoten niet enkel wortel in de het westen. Na de Tweede Wereldoorlog wierpen tientallen kolonies het juk af van de koloniale onderdrukking. Dekolonisatiebewegingen werden aangevoerd door intellectuelen van eigen bodem, zoals Gandhi, die tijdens hun studies in contact waren gekomen met Verlichtingsideeën, zoals het recht van een volk op soevereiniteit. Gekoloniseerde volkeren begonnen te ijveren voor hun recht om hun eigen leiders te kiezen, een recht dat de zgn. ‘verlichte’ kolonisatoren wel aan zichzelf toekenden, maar niet aan andere volkeren. Gandhi slaagde er uiteindelijk in om de Britse kolonialen uit India te drijven. Zijn methode van geweldloos verzet inspireerde M.L. King en talloze andere activisten. Deze methode was niet alleen moedig en nobel, maar bleek ook zeer effectief te zijn. Uit een onderzoek van activistenbewegingen van de voorbije honderd jaar blijkt dat bewegingen die gebruik maakten van geweldloos verzet in drie vierde van de gevallen slaagden in hun opzet.

gg
Gandhi organiseerde een ‘zoutmars’ als protest tegen het Britse zoutmonopolie.

De rechtenrevoluties hadden als kern één groot idee dat uitblonk in zijn eenvoud: dat alle mensen in principe gelijkwaardig zijn en daarom vrijgesteld moeten zijn van machtswillekeur en onderdrukking. Deze gelijkheidsgedachte vormde de kiem voor de strijd om erkenning van miljoenen mensen. Het succes van de ene rechtenbeweging wakkerde de hoop van de andere aan. Zulke bewegingen geraakten steeds beter georganiseerd. Deze positieve spiraal was nog moeilijk te stoppen.

sssss
Beroemd fragment uit de Amerikaanse  Declaration of Independence (1776), geïnspireerd door de ideeën van John Locke

Net zo indrukwekkend als de rechtenrevoluties zijn de grote stappen die we dankzij de wetenschap hebben gezet in onze kennis. Dit ging niet vanzelf. Wetenschap heeft altijd moeten opboksen tegen traditionele kennisautoriteiten zoals heilige boeken, religieuze leiders, volkse opvattingen, bijgeloof en intuïtie.

Sommige wetenschappelijke bevindingen daagden de bestaande orde uit.  Charles Darwin deed met zijn evolutietheorie het christelijke wereldbeeld op zijn grondvesten daveren. De evolutietheorie toonde aan dat bijbelse scheppingsverhalen in feite pure mythes waren. Mensen komen niet voort uit een hoopje klei waar God leven inblies. De mens is een diersoort als een ander, een toevallig product van miljoenen jaren natuurlijke selectie.

Ook andere theologische opvattingen over de natuur gingen voor de bijl. Het leven vormt geen simpele piramide of een ‘great chain of being’ met de mens aan de top, maar een complexe levensboom. De menselijke soort vormt slechts een klein twijgje aan die boom. Naar schatting leven er 8,7 miljoen diersoorten op aarde, waarvan we de meeste niet eens kennen.

Mensen mogen dan ‘maar’ een primatensoort zijn, het zijn wel primaten die in staat zijn om empathie te voelen, om complexe gereedschappen te vervaardigen en op een intelligente manier samen te werken. Al onze kennis en technieken kunnen we doorgeven aan onze nakomelingen, waardoor er cumulatieve vooruitgang mogelijk is. Deze culturele evolutie gaat vele malen sneller dan de biologische evolutie.

De wetenschap corrigeerde niet enkel ons mensbeeld maar hield ook haar ambitieuze belofte gestand om van de wereld een veiligere en aangenamere plek te maken. Dankzij de wetenschap zijn we nu minder overgeleverd aan natuurrampen, honger en vreselijke ziekten.

Sinds de jaren ’70 is het pokkenvirus definitief uitgeroeid, een virus dat meer doden op haar geweten dan alle oorlogen die de mens ooit heeft uitgevochten. Dankzij doorgedreven vaccinatiecampagnes van de WHO tussen 1950 en 1975 is het virus van de aardbol verdwenen.

zzzz
Miljoenen indianen bezweken aan het pokkenvirus toen ze in contact kwamen met de Europese kolonisatoren in de 16de eeuw.

Deze triomf is slechts één in een lange reeks levensreddende ontdekkingen van een relatief kleine groep wetenschappers. Zo is het inzicht dat ziektes worden veroorzaakt door microscopisch kleine organismen historisch gezien van vrij recente datum. Pas in de tweede helft van de negentiende eeuw werd de ziektekiementheorie breed aanvaard dankzij het werk van Ignaz Semmelweis en Louis Pasteur.

Door de verbeterde kennis over ziekten, begon men te begrijpen hoe belangrijk schoon water was. Het invoeren van riolering in grootsteden en het chloreren van leidingwater betekende een revolutie voor de volksgezondheid. Steden die deze maatregelen doorvoerden, werden nauwelijks nog geplaagd door cholera. Andere doorbraken, zoals de ontdekking van bloedgroepen en vaccins tegen infectieziekten, hebben in totaal honderden miljoenen levens gered.  Dit was mogelijk dankzij het werk van vergeten helden als Edward Jenner (pokkenvaccin), John Snow (riolering), Ignaz Semmelweis (ontsmetting van handen), Jonas Salk (poliovaccin), Karl Landsteiner (bloedgroepen) en nog  tientallen anderen.

azer
Jonas Salk, de ontwikkelaar van het poliovaccin.

Het effect van de medische vooruitgang op het aantal levensjaren van de gemiddelde aardbewoner is gigantisch geweest. Rond 1800 was de gemiddelde levensverwachting 30 jaar. Intussen is het wereldwijde gemiddelde meer dan verdubbeld. Iemand die nu wordt geboren zal gemiddeld 70 jaar worden. In het Westen is de levensverwachting zelfs 80 jaar. En voorlopig is het plafond nog steeds niet in zicht.

Wetenschappers en beleidsmakers slaagden er ook in om hongersnoden tot een uitzondering te maken, daar waar ze vroeger de regel waren. Als je geboren werd vóór 1800 was de kans groot dat je ooit één of meer hongersnoden in je leven zou meemaken. De schrijver Johan Norberg vertelt bijvoorbeeld hoe zijn Zweedse voorouders boomschors en gras moesten eten om niet te verhongeren. Hun kinderen trokken van boerderij tot boerderij om te bedelen voor eten, wat ze vaak niet kregen omdat de boeren zelf niks meer hadden. Zulke schrijnende toestanden kwamen in elke streek eens in de zoveel tijd voor tijdens het Ancien Régime.

De voorbije decennia is het aantal hongersnoden echter drastisch teruggedrongen. De   landbouwproductiviteit heeft wereldwijd een enorme boost gekregen dankzij de mechanisering (bvb. maaidorsers), hybride graan- en rijstsoorten en het gebruik van kunstmest. Ze worden vandaag vaker door oorlogen en conflict veroorzaakt dan door misoogsten. Omdat oorlogen vandaag een pak zeldzamer zijn geworden (zie verder), geldt hetzelfde ook voor hongersnoden.

Ook op politiek vlak ontstond er een positieve spiraal, die pas duidelijk wordt als we het bekijken op de lange termijn. De laatste 100 jaar is er  een democratisering aan de gang in grote delen van de wereld. In het begin van de twintigste eeuw waren er slechts een handvol democratieën[3], vandaag zijn het er 103. Ongeveer 6 op 10 aardbewoners woont nu in een vrije of relatief vrije samenleving. Die democratisering was een moeizaam proces: twee gruwelijke wereldoorlogen moesten worden uitgevochten om het fascisme en nazisme tegen te houden. Het totalitaire communisme eiste eveneens miljoenen mensenlevens in China, Rusland en elders, totdat deze regimes uiteindelijk implodeerden onder hun eigen gewicht.

In de jaren zeventig kwam er een eind aan dictaturen in Zuid-Europa: zowel Portugal, Spanje en Griekenland konden zich bevrijden van hun dictators. Omstreeks het einde van de Koude Oorlog werden ook de ex-communistische landen in Oost-Europa prille democratieën.

Het ineenstorten van de laatste communistische regimes en dictaturen in Europa verleidde Francis Fukuyama om in 1992 over ‘het einde van de geschiedenis’ te spreken. Hij meende dat de liberale democratie het dominante staatsmodel zou worden na de val van de Muur. Autoritaire staatsvormen zouden op termijn verdwijnen omdat ze geen legitimiteit hadden bij de bevolking en omdat hun economieën veel zwakker waren dan die van liberale democratieën. Misschien was Fukuyama te optimistisch. Vandaag zien we immers dat Venezuela, Rusland en Turkije terug onder een hard autoritair bewind staan en er in deze landen van democratie niet veel meer sprake is. In Europa zijn een aantal autoritaire populisten erin geslaagd om verkozen te raken. Hierdoor zijn sinds kort een aantal jonge democratieën, zoals Polen en Hongarije, onder druk komen te staan. Veel commentatoren zijn sindsdien bezorgd dat die ‘autoritaire olievlek’ zich zal uitbreiden naar West-Europa.

Daartegenover staat dat er de laatste jaren ook een aantal landen democratischer zijn geworden zoals Oekraïne, Nigeria, Burkina Faso en Pakistan. Als we uitzoomen en de zaken statistisch bekijken, zien we voorlopig geen drastische trendbreuk in de democratisering van de wereld. Er is hoogstens een stagnatie of lichte achteruitgang. De mediaberichten dat de democratie in de wereld op zijn retour zou zijn, zijn dus minstens voorbarig.

tyui

Een democratie waarin mensen hun leiders zelf kunnen kiezen is mooi, maar niet voldoende voor burgers om in vrijheid en in veiligheid te kunnen leven. Daarvoor is een rechtsstaat nodig, waarin burgers kunnen genieten van rechten en vrijheden vastgelegd in de grondwet. De liberale filosoof John Locke was één van de vroegste verdedigers van een solide rechtsstaat. De belangrijkste rechten die burgers in een democratie bezitten zijn volgens Locke de ‘afweerrechten’. Deze afweerrechten vormen de voornaamste garanties tegen machtswillekeur door de overheid. Vandaag zijn dat onder andere het recht op privacy, het recht op eigendom, het recht op een eerlijk proces en het recht op een vrije mening. In België vinden burgers het vanzelfsprekend dat de overheid iemands post of e-mail niet zomaar mag doorzoeken of iemands huis niet zomaar mag onteigenen. Evenmin kan de Belgische overheid een persoon arresteren omwille van een controversiële mening of lidmaatschap van een vakbond. Toch waren deze overheidspraktijken schering en ontslag tijdens het Ancien Regime. Ze zijn nog steeds niet volledig verdwenen. Autoritaire regimes in Afrika, Azië en Latijns-Amerika maken zich er vandaag nog steeds schuldig aan.

Na de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog kwamen de mensenrechten volop in de aandacht. Mensenrechtenverdragen zoals die van de Verenigde Naties (UVRM) en de Raad van Europa (EVRM) worden intussen aanvaard door de meeste landen. De aandacht is nog toegenomen dankzij waakhondorganisaties als Amnesty International en Human Rights Watch. Zij brengen vandaag ernstige mensenrechtenschendingen aan het licht zodat ze niet in het verborgene blijven.

iop

Hoe zit het dan vandaag met de mensenrechten in de wereld? Is de situatie globaal verslechterd of verbeterd de laatste honderd jaar?

Het is duidelijk dat onderdrukking door de staat nog steeds een enorm probleem is in grote delen van de wereld.

China is nog steeds een dictatuur die nog steeds keihard optreedt tegen politieke dissidenten, internetgebruikers nauwlettend in de gaten houdt en de doodstraf meer toepast dan elk ander land in de wereld.  Toch hebben de gewone Chinezen nu een aantal vrijheden – vooral op economisch vlak – die onder Mao ondenkbaar waren. Zo kunnen veel Chinezen nu hun eigen zaak starten in plaats van gedwongen te worden om op een collectieve boerderij te werken. Wie gelovig of homo is, wordt  niet langer vervolgd door de Chinese staat.

In Rusland worden homo’s wel behandeld als paria’s. Kritische journalisten of politieke tegenstanders worden soms geliquideerd in duistere omstandigheden. Andere burgers genieten wel een zekere mate van vrijheid zolang ze buiten de politieke sfeer blijven en geen kwaad woord zeggen over Poetin. Om die reden wordt Rusland soms een ‘democratuur’ genoemd.

De vooruitgang op vlak van mensenrechten en afweerrechten is de meest hobbelige en moeizame gebleken. Vooral in landen in Afrika, Azië en Latijns-Amerika treden overheden vaak brutaal op tegen burgers die uit de pas lopen. Religieuze en etnische minderheden worden als tweederangsburgers behandeld.

In de westerse wereld blijft het respect voor mensenrechten groot, zeker als het over de eigen burgers gaat. Er is een speciale hof opgericht om te zien of landen het niet enkel bij mooie woorden houden, nl. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg. Het Europese Hof geniet een hoog moreel gezag. De rechtspraak van het Hof is er de laatste decennia in geslaagd om Europese landen te stimuleren om politiegeweld in te perken, de privacy van haar burgers beter te beschermen en humaner om te gaan met kwetsbare groepen zoals geesteszieken, kinderen en migranten.

Ondanks de huidige perikelen in westerse democratieën en de lange levensduur van sommige autoritaire regimes, is de mensenrechtensituatie in de wereld in zijn geheel niet verslechterd, maar verbeterd. De onderzoeker Christopher Fariss heeft gepoogd dit te kwantificeren in een grafiek. Die grafiek toont dat het werk van de VN, ngo’s en mensenrechtenhoven niet tevergeefs is geweest. Sinds 1949 is het respect voor de mensenrechten traag maar zeker toegenomen. Het feit dat die tendens weinig bekend is, heeft te maken met de veranderde standaarden van mensenrechtenorganisaties. Hun lat ligt steeds een beetje hoger, naarmate de zwaarste en grofste schendingen zeldzamer worden. Daarna wordt de focus verlegd op andere, iets minder zware schendingen, enzovoort. Zo proberen ze de het gevoel van urgentie bij het publiek op peil te houden.

yui

Een andere belangrijke tendens is de afname van oorlogen en conflicten. Steven Pinker heeft die opvallende daling ruim gedocumenteerd in zijn vorige boek The Better Angels of Our Nature. In de 70 jaar na WO II, een periode die Pinker de Lange Vrede doopt, zien we een snelle afname van koloniale oorlogen en oorlogen tussen staten. Vandaag zijn er bijna enkel nog burgeroorlogen aan de gang, vaak met een internationale betrokkenheid (Syrië en Jemen zijn de bekendste voorbeelden). Maar ook het aantal burgeroorlogen is gestaag afgenomen.

Even opvallend is dat het aantal slachtoffers per oorlog aanzienlijk gedaald is. De afschaffing van de dienstplicht in vele landen maakt dat jonge mannen niet langer massaal gemobiliseerd worden om als kanonnenvlees te dienen. Als ze in het leger gaan is het meestal uit vrije wil. Daarnaast was het creëren van een uitgebreid humanitair recht, dat het doelbewust treffen van burgers als een oorlogsmisdaad aanziet, een belangrijke factor in de daling van het aantal  oorlogsdoden.

De stijging van het aantal democratieën en de bloeiende wereldhandel hebben ervoor gezorgd dat oorlogen de voorbije 70 jaar steeds zeldzamer werden. Democratische landen voeren zelden oorlog met elkaar. Hetzelfde gaat op voor landen die handel met elkaar drijven.

Ook het internationaal recht en het ontstaan van een internationale gemeenschap heeft de Lange Vrede na WO II mee opgebouwd. De internationale gemeenschap krijgt vaak kritiek omdat ze passief blijft toekijken wanneer conflictsituaties in de wereld escaleren. Tijdens de genocides in Rwanda en Srebrenica greep de VN onvoldoende of verkeerd in en kon de gruwel niet gestopt worden.

Ondanks deze mislukkingen is de rol van de Verenigde Naties in het bevorderen van vrede erg belangrijk. Vredesverdragen zijn meestal geen papieren tijgers, maar worden in de meerderheid van de gevallen nageleefd. Het diplomatieke netwerk van de VN zorgt er tevens voor dat de meeste conflicten tussen landen met woorden worden uitgevochten in plaats van met bommen en granaten.

Als het gaat om het bewaren van de vrede in conflictgebieden heeft de VN nog een ander belangrijk wapen: de blauwhelm.  Het inschakelen van vredestroepen is in de meeste situaties succesvol gebleken in het behouden van de vrede.

uiop

De droom van Kant dat landen ooit een ‘eeuwige vrede’ zullen kunnen vestigen, is nog lang niet in zicht. Maar het is niet ondenkbaar dat oorlog binnen een eeuw definitief tot het verleden zal behoren. Als effectieve praktijken – zoals het inzetten van blauwhelmen, het versterken van het internationaal recht en het bevorderen van internationale handel –  worden verdergezet,  zou oorlog net zo achterhaald kunnen worden als het instituut slavernij.

Ter besluit kunnen we zeggen dat de positieve spiraal die de Verlichting in gang heeft gezet in de twee eeuwen enorm gebleken. Ondanks felle tegenstand van antiverlichtingsstromingen is de geest van de Verlichting blijven opduiken, vaak zelfs op plaatsen waar alle hoop verloren bleek. Het project van vooruitgang en emancipatie is een blijvend work in progress. Daarom is de Verlichting vandaag nog net zo relevant als in 1789, 1870 of 2018.

De filosofen uit de 18de eeuw hebben altijd gepleit om dogma’s te slopen. Eén van de stilzwijgende dogma’s die het denken beheersen is dat van het pessimisme, het idee dat de huidige tijd slechter is (of nauwelijks beter) dan de tijden ervoor. Dat waanidee zal ik in deel drie trachten te slopen.

Noten

[1] Al was de vrijheid nog altijd relatief. Er heerste nog steeds een strenge censuur van atheïstische, antiklerikale of antimonarchistische pamfletten.

[2] Of erg plots zoals in Frankrijk tijdens de Franse Revolutie, waarna ze door allerlei contrarevoluties weer werden afgeschaft. In 1870 werd uiteindelijk de Derde Republiek uitgeroepen. Daarna groeide Frankrijk uit tot een moderne democratie.

[3]Democratieën wordt hier gedefinieerd als regimes waar burgers politiek kunnen participeren, waar de regeringsmacht onderworpen is aan beperkingen en waar burgers grondrechten en vrijheden genieten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s