(14) Het economische groeisyndroom, of hoe waarheid en menselijkheid weggecijferd worden.

AUTEUR: Senne Mertens

THEMA: Economie

De hele CETA-heisa mag dan al wel een tijdje gepasseerd zijn, we zitten er uiteindelijk toch maar mee opgescheept. Het vrijhandelsakkoord tussen de EU en Canada, waar al 7 jaar over onderhandeld werd in achterkamertjes buiten het zicht van de gewone burger, is er dan uiteindelijk toch doorgekomen. Of doorgeramd liever. De inhoud kwam maar een kleine maand voor de ondertekening écht naar boven. Een publiek debat ontbrak helemaal. Het was nochtans een mooie kans om een algemene discussie te openen over globale handel en de scheve machtsverhoudingen die daar nog steeds uit voortkomen. Maar een hol offensief van politieke voorstanders belemmerde een inhoudelijke dialoog. En naar de mening van de bevolking, wie het hardst wordt getroffen, werd niet eens gevraagd. Niks.

Slecht theater

Integendeel zelfs, alle protest werd geminimaliseerd en gebanaliseerd. Wie de minste kritiek op het verdrag had werd meteen weggezet als populist of slechtwillig anti-globalist. Het debat werd vergiftigd door verschillende onwaarheden die voorstanders als voldongen feiten voorstelden. Ook al zijn er studies die het tegendeel bewijzen en voorspellen dat de positieve effecten op korte termijn veel minder zullen zijn dan deze beweringen. Op lange termijn zou het verdrag volgens diezelfde studies zelfs meer negatieve effecten dan voordelen met zich meebrengen.[1]

Om een paar van deze drogredeneringen op te noemen:

  • ‘We hebben dit akkoord écht nodig.’[2] (Jean-Claude Junker)
  • ‘Zonder CETA kunnen we geen handel meer drijven met Canada.’[3] (Bart Haeck)
  • ‘Als we het verdrag verwerpen lijden we enorm gezichtsverlies.’[4] (Geert Bourgeois)
  • ‘Het verdrag afwijzen is een regelrechte bedreiging voor onze economie en onze welvaart’[5](weer Geert Bourgeois)
  • ‘Canada is een meertalige en vredevolle economische grootmacht met een uitgebouwde welvaartsstaat dat heel erg op de EU of België lijkt.’[6] (Bart Haeck)
  • En de topper: ‘72 jaar geleden vochten Canadese soldaten in België tegen de Nazi’s en vandaag krijgen ze van Magnette een middelvinger als dank.’[7]

Sommige argumenten, zoals deze laatste, zijn zodanig van de pot gerukt dat ze zelfs helemaal geen link meer hebben met het verdrag in kwestie. Soms werd de toon vals-sentimenteel en kwam het tot regelrechte emotionele chantage. Zo barstte de Canadese minister van Handel, Chrystia Freeland,[8]  na het Waalse fiat na de eerste onderhandelingsronde in tranen uit voor de nieuwscamera’s. Inderdaad een knap staaltje “Slecht theater met fantastische acteurs”, zoals Bart De Wever zei,[9] maar dan wel juist vanuit het pro-kamp. Want dit weerzinwekkend pseudo-debat verhinderde dat de échte inhoud van CETA besproken werd. En dát maakt mij dieptriest.

Maar de ondertekening van CETA was niet de enigste moment dit jaar waar ik zuuroprispingen kreeg. Ook toen in Frankrijk de omstreden wet El Khomri door het strot van de bevolking werd geduwd toen iedereen ofwel met vakantie was ofwel afgeleid werd met Euro 2016. De wet maakt arbeid flexibeler inzetbaar voor werkgevers, waardoor de situatie voor werknemers alleen maar onzekerder wordt. Ondanks verzet in de Assemblée Nationale (het parlement) en massaprotesten op straat drukte de Franse regering de wet tot 2 keer door via een legislatief achterpoortje in de Franse grondwet, artikel 49-3, dat het parlement buiten strijd kan zetten. De aan de basis vredelievende protestbeweging Nuit Debout, die ontstond als antwoord van verontwaardigde burgers, werd afgedaan als uitschot en werd dan ook hardhandig door de politie aangepakt met traangas en mattrakken. Daarbij was het mooi meegenomen dat dit grotesk en onnodig politiegeweld makkelijk inzetbaar en legitimeerbaar was door de ‘état d’ugence’ (noodtoestand) waarin het land nog steeds verkeert na de aanslagen. Van een duurzaam debat was hier dus nog minder sprake als bij CETA.

Work work work work work

Het maakt me kwaad dat politici het volk zó ontzien en opzettelijk misleiden. Ze laten geen kans aan bezorgde tegenstanders met onderbouwde argumenten en nemen een loopje met de werkelijkheid. Wetten en verdragen die indruisen tegen de belangen van de meerderheid van de bevolking, want bovenstaande verdragen komen enkel de economische toplaag ten goede, worden voorgedaan als het ei van Columbus. En dit steeds onder het motto “de economische groei aanwakkeren”. Want die blijkt volgens veel politici en economen essentieel te zijn voor de verbetering van ieders leven. Maar is dat wel zo? En hoe wordt die theorie in de praktijk omgezet?

Ten eerste wordt steeds over economische groei beweert dat het jobs creëert. Veel jobs. Iedereen aan de slag. Maar vraagt men zich wel eens af wát voor jobs? Want door neoliberale verdragen zoals CETA maakt men het voor multinationals uit Canada én de de VS (voor deze laatste categorie is het door andere vrijhandelsakkoorden, zoals NAFTA, gemakkelijk om een zetel op te richten in Canada, en zij dus ook van CETA kunnen profiteren) makkelijker én goedkoper om hun producten op de Europese markt krijgen. Hierdoor wakker je een prijzenoorlog aan tussen Noord-Amerikaanse en lokale bedrijven. Dit dwingt de lokale bedrijven ook de besparingskaart te trekken, wat juist nefaste gevolgen heeft voor werkzekerheid en arbeidsomstandigheden. De arbeidsvoorschriften die het verdrag voorschrijft zijn daarbij ook niet afdwingbaar gemaakt. Bescherming voor de werknemer blijft dus gewoon dode letter. Aan de andere kant zou het verdrag grote bedrijven een handige tool leveren om ganse regeringen voor speciale rechtbanken te dagen wanneer hun woekerwinsten slinken door nieuwe beschermingsmaatregelen ten voordele van die werknemers (of het milieu). En dat doet de toekomstige situatie voor werknemers er al helemaal niet rooskleurig uitzien.

Daarenboven worden in een groeiende economie bedrijven steeds groter (zij verkopen en exporteren immers meer goederen). Deze schaalvergroting gaat steeds gepaard met een uitbreiding en industrialisering van het productieproces. Dus meer machines en mensen die deze machines moeten bedienen. Veel van de jobs die gecreëerd worden door economische groei  bevinden zich dan ook op de onderste niveaus in de bedrijfshiërarchie. Ja, daarbij gaat het om arbeiders in de fabriekshallen en magazijnen. Of dat deze jobs nu hier of in lage-loon-landen worden gecreëerd (als bedrijven door de besparingsrace hun productie verhuizen) laat ik in het midden. Alhoewel deze laatste piste er juist voor zorgt dat er lokaal gezien meer jobs verdwijnen dan dat er bijkomen.

Met dit vorig besef denk ik spontaan terug aan de tijd waarin ik zelf als jobstudent mijn zomermaanden doorbracht in zo’n fabriekshallen. Je nikkel afdraaien tussen lawaaierige machines in hangars vol stof, liefst nog in een onmenselijk shiftensysteem. Ik hield dat ten hoogste één maand vol, verstand op nul en met de geldbeloning in het vooruitzicht. Maar ik begin al te rillen als ik denk dat dát mijn toekomst zou zijn. Alle menselijkheid wordt uit je lichaam gezogen. Het verandert je in een zombie die elke dag, elk uur, elke minuut in deze zowel fysiek als metaal beknottende verdommenis aftelt.

Ik werkte samen met mensen die al jarenlang (en waarschijnlijk nog steeds) tegen de klok botervlootjes stapelen op paletten in een hal die zo lawaaierig is dat enige vorm van verbaal contact met anderen onmogelijk is. Mensen die in een stank van jewelste aan de lopende band zakken van 25kg suiker in marsmellowmachines kappen in een ruimte waar je geen 5 meter ver kan zien door de mist van poedersuiker. Mensen die dag in dag uit dozen op paletten stapelen die tegen een onnavolgbare snelheid van de band vliegen en slechts 10 minuten middagpauze per dag krijgen. Mensen wiens taak het is om jaren aan een stuk ijzeren onderdeeltjes op bewegende rekken te moeten hangen in een ruimte vol verfdampen. En dan spreken we nog niet over situaties in de zogenaamde lage-loon-landen waar de arbeidswetgeving minder bescherming biedt.

Hersenloze, vuile, nietszeggende, ongezonde en mensonterende bullshitjobs die beter door echte robots kunnen en zouden moeten gedaan worden. Dát zijn vaak de situaties waar men het over heeft als men ‘meer jobs’ belooft. Dát is dan economisch zinvol. Ik zie er in elk geval de zin niet van in. Ik denk dat we meer zin aan deze mensen hun leven geven wanneer we hun jobs automatiseren en een basisinkomen invoeren. Zo verlossen we hen uit die neoliberale hel en kunnen zij ook hun tijd waardig spenderen. Misschien kunnen ze dan hún droom waarmaken. Dán wordt er pas aan zingeving gedaan.

Holle cijfers

Ten tweede heb ik problemen met hoe politieke en economische leiders het begrip ‘economische groei’ concreet invullen. Laten we eens kijken naar wat verschillende studies als meetbare grootheden hiervoor nemen. Daarbij is de meest gebruikte indicator de stijging (of daling) van het BBP per inwoner over een bepaalde periode. Dit wil zeggen dat economische groei gelijk staat aan de toe- of afname van de totale toegevoegde waarde die alle door bedrijven binnen een bepaald land geproduceerd wordt over een bepaalde periode, gedeeld door het aantal inwoners van dat land. En daar wringt het schoentje.

Met deze invulling gaat men ervan uit dat deze toegevoegde waarde (met andere woorden de omzet van alle binnenlandse bedrijven min de waarde van hun aangekochte grond- en hulpstoffen) eerlijk verdeeld wordt onder alle inwoners van een land. Iedereen zou dus evenveel bezitten. Dat zou mooi zijn. Maar jammer genoeg ligt de werkelijkheid ver verwijderd van deze theorie. Men verhult de ganse vorm van het huidige globale productiesysteem, waar slechts een klein aantal mensen alle productiemiddelen (land, grondstoffen, machines, werktuigen, gebouwen en geld  die gebruikt worden om goederen te produceren) in handen hebben. In dit systeem wordt ook pas winst gemaakt wanneer arbeiders minder worden uitbetaald dan de toegevoegde geldwaarde die zij feitelijk aan het product bijbrengen. Dit verschil komt daarna niet terug naar de maatschappij, maar wordt door de (financieel) rijkste bevolkingslaag via gunstregimes en belastingontduiking van de samenleving afgeroomd. Dus geeft het BBP per inwoner dan de reële algemene welvaart van een land weer? Neen, want het zegt niet naar wiens bankrekening die ‘toegevoegde waarde’ nu eigenlijk gaat. Mij lijkt het eerder een constructie om de gewone bevolking met waarde- en betekenisloze cijfers te overrompelen en zo toch geveinsde legitimiteit te verschaffen aan bepaalde verdragen en beleidsvoeringen die enkel de economische toplaag van de bevolking ten goede komen.

Het middel wordt het nieuwe doel

Ten tweede wordt deze ‘economische groei’ door politici voorgesteld als een doel. We vergeten dat welvaart in feite slechts een middel is, onder vele andere, om ons welzijn te bevorderen. Want economische groei op zich draagt niet bij tot welzijn.[10] Zeker niet meer in landen die reeds een bepaald welvaartsniveau kennen.[11]  Het zijn juist de dingen die met die winst worden gedaan die kunnen bijdragen tot ons welzijn. Zo verbeterde onze levenskwaliteit in het verleden omdat deze toegevoegde geldwaarde terug in de maatschappij geïnvesteerd werd in de vorm van goede gezondheidszorg en kwalitatief onderwijs. Maar politici lijken deze laatste stap vaak te vergeten. Men denkt dat economische groei zich automatisch vertaalt naar een hoger welzijn. Een soort magisch trickle-down effect. Ze ontzien hierdoor echter volledig hun verantwoordelijkheid. Daarnaast worden andere contributoren van levenskwaliteit, zoals sociale netwerken, mentaal welzijn, kwaliteit van het leefmilieu, vrije tijd, cultuur etc afgedaan als onbelangrijk. Men stelt, tegen alle bewijzen in, welvaart toch gelijk aan welzijn. Maar dit is compleet onterecht, want de maatregelen die enkel economische groei bevorderen hebben vaak een averechts effect op ons welzijn.

En zo wordt groei (en dus geld) als een onwrikbaar, centraal doel in onze samenleving en persoonlijke levens gepland. Het wordt zo de enige maatstaf waarmee we ook de andere parameters van welzijn naar waarde schatten. Alles krijgt een geldwaarde. En deze geldwaarde bepaalt het belang. Zo zal bijvoorbeeld een aangenaam leven, omringt door veel groen en met voldoende tijd voor de kinderen of andere persoonlijk waardevolle activiteiten veel bijdragen tot iemands welzijn, maar niet tot iemands welvaart. Waardoor een leven waarin we hard werken, de kinderen in de opvang steken tot ’s avonds laat en het groen kappen om er winkels en industrie op te zetten, prioriteit is.  Door deze monetisering van de wereld cijferen we onze menselijkheid volledig weg. Vrije tijd bijvoorbeeld wordt schaars en duur, want ‘time is money’. De invloed van geld op onze levens wordt steeds groter. Wie meer verdient als de andere, lijkt beter af te zijn.[12] En dat maakt ons alleen maar individualistischer, rationeler en opportunistischer. Wie meer werkt heeft dan misschien meer geld, maar minder tijd om het geluksbevorderend te besteden. Dus welke waarde heeft het dan nog?

Ten derde heb ik bedenkingen bij het zich hersenloos vastklampen aan het idee van constante economische groei. Want als we zien dat grondstoffen, productiemiddelen en werkkrachten eindig zijn, kunnen we toch onmogelijk de economie eeuwig laten groeien? Daarenboven lijkt economische groei in rijke landen, waar een zeker welvaartsniveau reeds is bereikt, niet meer bij te dragen tot welzijn of geluk van de bevolking. Vanaf een bepaald welvaartsniveau komen er zelfs steeds meer en meer negatieve bijverschijnselen van groei naar boven, van files en milieuvervuiling tot stress, burn-outs en depressies. Economische groei vormt zo dus steeds minder de sleutel tot de oplossing van maatschappelijke problemen. Integendeel, het draagt vaak bij aan het verergeren van die problemen.[13] En als we zien op welke schaal ‘de economie’ op dit moment al menselijke en ecologische ravages aanricht, tot waar gaan we deze dan nog laten uitbreiden? Is het misschien niet tijd om (zeker in rijke landen) het groei-idee los te laten vóór we de planeet en onszelf helemaal om zeep helpen?

Daarom pleit ik tegen economische groei die ten koste gaat van onze medemens en het milieu. Tegen de stijgende invloed van geld in ons leven. Tegen volksmisleiding en desinformatie. Tegen mensonterende jobs. Maar vóór een economisch en politiek systeem dat menselijke, maatschappelijke, sociale, ecologische, mentale, eerlijke en duurzame groei centraal stelt en waarin de meerwaardecreatie iedereen ten goede komt. Vóór duidelijke, transparante en inhoudelijke publieke debatten bij verdragen en wetten die worden voorgesteld. En vóór menselijkheid. Want jawel, deze dingen zíjn mogelijk.

Bronnen en eindnoten:

Bourgeois boos om Waals njet tegen Europees­Canadees handelsverdrag. (2016, oktober 27). Knack. Retrieved from: http://www.knack.be/nieuws/belgie/bourgeois-boos-om-waals-njet-tegen-europees-canadees-handelsverdrag/article-normal-696855.html

de Beer, P. (2005). De valse beloften van economische groei. Waterstof, 7. Retrieved from: http://www.pauldebeer.nl/documenten/artikelen/valsebeloften.pdf.

De Wever over CETA-onderhandelingen: “Slecht theater” (2016, October 27). De Morgen. Retrieved from: http://www.demorgen.be/politiek/de-wever-over-ceta-onderhandelingen-slecht-theater-bbba8c97/

Easterlin, R. A. (2004) The Economics of Hapiness. Daedalus. Vol. 133, No. 2, p. 26-33. Retrieved from: http://www-bcf.usc.edu/~easterl/papers/Happiness.pdf

Haeck, B. (2016 oktober 14) Handelsgevecht. De Tijd. Retrieved from: http://www.tijd.be/opinie/commentaar/Handelsgevecht.9819691-620.art

Handelsakkoord met Canada aan zijden draadje. (2016, oktober 21). Het Financieel Dagblad. Retrieved from: https://fd.nl/economie-politiek/1172209/eu-leiders-uit-elkaar-zonder-ceta-akkoord

Kohler, P., Storm, S. (2016) CETA Without Blinders: How Cutting ‘Trade Costs and More’ Will Cause Unemployment, Inequality and Welfare Losses (GDAE Working Paper No. 16-03). Retrieved from: http://www.ase.tufts.edu/gdae/Pubs/wp/16-03CETA.pdf

Philip Roose (2016, October 25). 72 jaar geleden vochten Canadese soldaten in België tegen de Nazi’s en vandaag krijgen ze van #Magnette een middelvinger als dank. #CETA . Retrieved from: https://twitter.com/PhRoose/status/790996326905438208.

VTM Nieuws (2016, October 21). Canada stopt met CETA-gesprekken [Video file]. Retrieved from: http://nieuws.vtm.be/buitenland/211513-canada-stopt-met-ceta-gesprekken

[1] Kohler & Storm, 2016.

[2]Handelsakkoord met Canada aan zijden draadje, 2016.

[3] Haeck, 2016.

[4] Bourgeois boos om Waals njet tegen Europees­Canadees handelsverdrag, 2016.

[5] Bourgeois boos om Waals njet tegen Europees­Canadees handelsverdrag, 2016.

[6] Haeck, 2016.

[7] Roose, 2016.

[8] VTM Nieuws, 2016 .

[9] De Wever over CETA-onderhandelingen: “Slecht theater”, 2016.

[10] Easterlin, 2004

[11] de Beer, 2005

[12] Easterlin, 2004

[13] de Beer, 2005

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s